Ervaringen

Haiku (俳句; meervoud: haiku of haiku’s) is een vorm van Japanse dichtkunst, geschreven in drie regels waarvan de eerste regel 5, de tweede regel 7 en de derde regel weer 5 lettergrepen telt.

Een ogenblikervaring

De haiku drukt een ogenblikervaring uit. De haiku is een vingerhoed vol emotie.

Tijdens onze begeleiding laten wij de deelnemers Haiku’s schrijven om te verwoorden wat er in hun omgaat.

Een mooie vorm om in weinig woorden precies dat  aan te geven wat op dat moment speelt.
Met plezier tonen wij een aantal Haiku’s van onze deelnemers; dit doen we met hun akkoord.

Wij staan garant voor anonimiteit en daarom willen wij geen reviews plaatsen op onze site.

‘Liggend in stilte,
stroomt de warmte door mij heen,
buiten vriest het.’
‘Geven of ver-geef,
krijgen of ont-vangen, ik,
ben ik gevangen?’
‘Laat mij niet alleen,
de koude overvalt … mijn angst,
neem mij in jouw vuur.’
‘Nee is zelfs geen één,
de wind neemt de bloesem mee,
één is niet alleen!’
‘Sluiten of verzuipen,
storm kolkt het water omhoog,
ik red mijzelf nu.’
‘De reis van de ziel,
ik ben meer dan ooit daarvoor,
in het hier en nu.’
‘Striemende druppels,
laat je vallen en wordt meer
de weg naar samen.’
‘Verdriet en onmacht,
oordelen striemen hagel,
alleen en eenzaam.’
‘Pijnlijk is de wond,
de zon etst en spiegelt vuur,
ik beken mijn kleur.’
‘Hopen of geloof,
vruchten vallen uit de boom,
voor jou en voor mij,’
‘Mis-sie of goed-sie,
groeien alleen na de snoei,
gaan door weer en wind.’
‘Vlucht van ploeteren,
ik zoek de weg naar het licht,
ik geef mij vol over.’
‘De reis van mijn ziel,
kramp door zengende hitte,
mijn pijn mag er zijn.’
‘Onmacht of macht om,
glijden als schaatsers samen,
samen of alleen?’
‘Koude als verdriet,
uitdager, maat, gids, ruggensteun,
liefde is wat is.’
‘Ik was lang mij kwijt,
Nu ben ik meer dan daarvoor,
Via groei naar mijn bloei.’
'Even in de zon,
gevoed worden door de bron,
een bron van liefde.'
'Samen zijn we hier,
tien mensen, allemaal mooi,
nu kou, wanneer dooi?'
‘Gebroken door kou,
ontwaak ik uit de scherven,
groei ligt op mijn pad.’
‘Gebroken en versuft,
hoor ik het vonnis ijsscherp,
wat was is nu voorbij!’
‘Verstikt in verdriet,
de zonnestraal die ontdooit,
ruimte voor de reis.’
‘Ik ben wakker nu,
de stilte wordt verbroken,
koude overheerst.’
‘Vluchten kan niet meer,
voelen en laten komen,
vreugde ontdooit in mij.’
‘Ergens in de zon,
lekker in de buitenlucht,
mijn lente begint.’
‘Het leven is mooi,
de winter deed bevriezen,
nu ziet de groei mij.’
‘Ik, helemaal vol,
mijn smeltwater mag komen,
hoofd vol van denken.’
‘Wandelen in dauw,
de hemel lijkt nog niet blauw,
ik wacht op de zon.’
‘Zo sterk als de wind,
diep down in mijn binnenste,
leiderschap, mijn leven.’
‘Heel klein mensje daar,
zo zachtjes als een veertje,
koude rillingen.’
‘Zonnig naar buiten,
vanbinnen door vuur omgeven
verlamd verdriet, ik.’
‘Het ijswater sijpelt,
aangeraakt door liefde,
dooit de pijn ineens.’
‘Pijn, wakker worden,
ben verdrietig, ik verlies,
zon wil mij kussen.’